Het online domein van de Nederlandse wijn
Friese wijn

Friesland verrast met nieuwe rassen

Friesland is de grootste provincie van Nederland. Een groot deel van de Waddenzee hoort ook bij de provincie. De inwoners spreken Fries, de officiële landstaal van de provincie. Sinds 1 januari 1997 heet Friesland formeel Fryslân. Voor veel Nederlanders is de uitspraak It giet oan! de bekendste Friese zin. Het zijn de legendarische woorden waarmee Henk Kroes in 1997 een nieuwe Elfstedentocht aankondigde. Elke winter komen ze terug. Na Drenthe is Friesland de dunst bevolkte provincie van het land. De provincie ligt erg laag.

Toeristen weten Friesland wel te vinden. De provincie van de elf steden scoort bovengemiddeld in de ING Toerisme Index. Het aantal toeristische overnachtingen is 5,4 miljoen. Nederlanders laten Friesland wat vaker links liggen. Buitenlanders weten de provincie de laatste jaren juist beter te vinden.

Beschermde Georgrafische Aanduiding

Friesland heeft een Beschermde Geografische Aanduiding (BGA) voor wijn. Het specifieke terroir van de provincie geeft de wijnen een eigen karakter en smaak. De productievoorschriften van de BGA garanderen en beschermen dat. De grenzen van de BGA komen precies overeen met die van de provincie. Het productdossier van de BGA Friesland onderscheidt 5 wijncategorieën:

  • Wijn
  • Mousserende wijn
  • Mousserende kwaliteitswijn
  • Parelwijn
  • Parelwijn waaraan koolzuurgas is toegevoegd

Kwaliteitseisen

Wijnen in deze categorieën mogen op het etiket de traditionele naam Landwijn of Beschermde Geografische Aanduiding voeren. Voorwaarde is dat de wijnen voldoen aan de kwaliteitseisen van de BGA. Dat betekent concreet dat er alleen druiven mogen worden gebruikt die voorkomen op de provinciale lijst van 105 rassen. Het gaat om zowel klassieke als nieuwe rassen. Wijnboeren in Friesland kiezen voor de nieuwe variëteiten. De opbrengst per hectare mag voor witte druiven niet meer dan 90 hectoliter en voor blauwe druiven niet meer dan 75 hectoliter zijn. De witte wijnen uit fris met vooral groene tonen. De rode wijnen hebben aroma’s van rood fruit en zijn vol fruitig. Het alcoholpercentage moet tenminste 6,5% zijn.

Klimaat

De noordelijke ligging van Friesland heeft invloed op het weer. Het klimaat is iets koeler dan de rest van Nederland. De provincie is nog geen 6000 km² groot, maar het kan in het zuidoosten terrasweer zijn als er in het noordwesten ineens een kille zeewind opsteekt. Dat komt door de verschillende microklimaten, zoals de kuststrook in het noorden en het merengebied. De afgelopen jaren was het in heel Nederland opvallend warmer en zonniger. Dus ook in Friesland. Die trend zet waarschijnlijk door. Het gemiddeld aantal zonuren schommelde tussen 1991 en 2020 in de hele provincie tussen 1700 en 1850 uur. Maar de verschillen zijn groot. In Harlingen scheen de zon pakweg 150 uur meer dan in de bossen in het zuidoosten. In de laatste drie jaar was het aantal zonuren in heel Nederland opvallend hoog. Dat was ook in Friesland merkbaar.

Temperatuur en neerslag

De temperatuur in de hele provincie komt over een langere periode uit tussen 9,9 en 10,2°C. Maar over korte perioden kunnen de temperatuurverschillen in Friesland groot zijn. De windrichting speelt daarin een belangrijke rol. De noordelijke ligging zorgt voor iets lagere temperaturen dan in de rest van het land. Het verschil tussen de dag- en nachttemperatuur in september is 6,6°C. De neerslagkaart van Friesland vertoont alle kleuren van de regenboog. De gemiddelden lopen uiteen van 775 tot 925 millimeter. Dat zijn forse verschillen. In het voorjaar en het begin van de zomer is het aan de kust droger dan landinwaarts. In de herfst is het precies andersom. Dan is de kuststrook het natst. De gemiddelde luchtvochtigheid is 83%. De wind speelt in Friesland een belangrijke rol.

Bodem

Friesland heeft een lange kuststrook, die langs het IJsselmeer en de Waddenzee loopt. De provincie ligt erg laag. Het hoogste punt op het vasteland is de Bosberg bij Appelscha. De top ligt bijna 27 meter boven NAP. Friesland heeft een uitgesproken agrarisch karakter. Dat zie je terug in het landschap. Het zandgebied valt bijna helemaal samen met de Friese Wouden. Dit gebied behoort in feite tot de westelijke helling van het Drents Plateau, die een natuurlijke waterafvoer heeft via een aantal noordoost-zuidwest lopende stroompjes. Grote hoogteverschillen komen niet voor. In het noordwesten vind je middelhoge zandgronden met een ondergrond van keileem, pakweg 120 cm onder het maaiveld. Deze laag in de bodem bevat veel zand en stenen.

Terug naar boven